1771930019_699d81a34a4d4.jpg

EPB en slaapkamers: geen verwarming voorzien? Sinds 2024 extra risicovol

24 Feb 2026

Het lijkt een logische keuze in energiezuinige woningen: “De slaapkamers verwarmen we niet. Dat is niet nodig.”

Maar binnen de EPB-regelgeving in Vlaanderen is dat sinds 2024 een stuk risicovoller geworden.

Door de strengere eisen rond lage temperatuursverwarming (max. 45°C aanvoertemperatuur) en de strengere E-peilnormen, kan het niet voorzien van een afgiftesysteem in slaapkamers onverwacht leiden tot een hogere E-peilberekening.

Bij Egeon Ingenieurs zien we dit steeds vaker terugkomen in de praktijk.


Lage temperatuursverwarming: wat veranderde sinds 2024?

Binnen EPB wordt het rendement van het afgiftesysteem (radiatoren, vloerverwarming, convectoren, …) mee opgenomen in de energieprestatieberekening.

Wanneer men een laag temperatuurregime (≤ 45°C) wil toepassen — wat vandaag quasi standaard is bij warmtepompen en energiezuinige installaties — moet dit ook technisch aangetoond worden.

Dat betekent:

  • Er moet een effectief afgiftesysteem aanwezig zijn

  • Het afgiftevermogen moet berekend en aantoonbaar zijn

  • Het systeem moet compatibel zijn met het lage temperatuurregime

👉 Geen afgiftesysteem = geen bewijs van afgiftevermogen.

Wanneer er in slaapkamers géén verwarming wordt geplaatst, kan het afgiftevermogen niet worden aangetoond. In dat geval valt de EPB-software automatisch terug op een hoger temperatuurregime (bijvoorbeeld 55°C of 90°C).

En dat heeft directe impact op:

  • Het systeemrendement

  • De primaire energiebehoefte

  • Het E-peil


Gevolg: onverwachte stijging van het E-peil

De terugval naar een hoger temperatuurregime verlaagt het berekende rendement van het verwarmingssysteem.

Concreet zien we in simulaties:

  • Enkele E-peilpunten verlies

  • 15% strengere E-peileisen

  • Moeilijker halen van E30/E20

  • Extra druk op hernieuwbare energiecomponent (grotere PV-installatie nodig voor hetzelfde resultaat)

In combinatie met de strengere EPB-eisen sinds 2024 wordt de foutenmarge kleiner.

Wat vroeger geen probleem was, kan vandaag het verschil maken tussen conform en net niet conform.


“Maar we verwarmen daar toch niet?”

Dat klopt in veel gezinnen.

Maar EPB rekent niet op basis van gebruiksgedrag.
EPB rekent op basis van theoretisch comfortgebruik.

Elke verblijfsruimte binnen het beschermd volume wordt beschouwd als ruimte die op ontwerptemperatuur moet kunnen gebracht worden.

Zelfs als bewoners effectief nooit de slaapkamer verwarmen, moet het systeem technisch in staat zijn dit te doen — of correct onderbouwd worden.


Praktische aanbeveling

In veel gevallen is het EPB-technisch verstandiger om:

✔ Een minimale afgiftevoorziening te plaatsen
✔ Lage temperatuur technisch te staven
✔ Het volledige systeem homogeen te houden

Een kleine investering kan meerdere E-peilpunten besparen en zorgen voor een hogere doorverkoopwaarde van je pand.


Indirect verwarmde ruimtes: het elektrisch scenario dat je niet wil

Een tweede, minder bekende valkuil bij slaapkamers zonder verwarming is indirecte verwarming per energiesector.

EPB werkt niet louter per ruimte, maar per energiesector.

Wanneer een ruimte geen eigen verwarmingssysteem heeft, wordt ze toegewezen aan de energiesector die haar “indirect” verwarmt.

En daar kan een kettingreactie ontstaan.


Praktijkvoorbeeld

We zien dit scenario effectief op werven:

  • Slaapkamers zonder verwarming

  • Geen verwarming op de overloop

  • Wél elektrische verwarming in de badkamer op het verdiep

👉 Gevolg in EPB: de volledige verdieping wordt toegewezen aan de elektrische energiesector.

Wanneer daarnaast de zolder onverwarmd blijft, dan kan plots een groot deel van de woning in de berekening als elektrisch verwarmd beschouwd worden.

Met als resultaat:

  • Sterke stijging van het E-peil

  • Negatieve impact op hernieuwbare energiepercentage


Waarom is dit zo problematisch?

Elektrische directe verwarming heeft binnen EPB een:

  • Hogere primaire energiefactor

  • Minder gunstig systeemrendement

Zelfs als de elektrische verwarming beperkt is tot één badkamer, kan de toewijzingslogica in EPB veel verder reiken dan verwacht.

Dit is één van de meest onderschatte mechanismen in de EPB-berekening.


Praktische tip: denk in energiesectoren, niet in kamers

Veel bouwheren bekijken verwarming per ruimte.

EPB bekijkt verwarming per energiesector en systeemlogica.

Daarom is het belangrijk om:

✔ De volledige verdieping als één verwarmingsconcept te bekijken
✔ Elektrische bijverwarming strategisch te evalueren
✔ Slaapkamers niet “los te koppelen” zonder impactanalyse
✔ Vooraf simulaties te maken in EPB

Kleine keuzes in één kamer kunnen impact hebben op een volledig niveau van de woning.


Conclusie

Geen verwarming voorzien in slaapkamers lijkt een rationele keuze.

Maar sinds 2024 is het binnen EPB:

  • Technisch moeilijker te staven

  • Risicovoller voor lage temperatuurregimes

  • Gevoeliger voor energiesector-toewijzing

  • Potentieel nadelig voor het E-peil

EPB is vandaag geen eenvoudige administratieve controle meer.
Het is een gedetailleerde energetische systeemanalyse.

Bij Egeon Ingenieurs begeleiden we ontwerpteams en bouwheren proactief zodat keuzes rond verwarming geen onverwachte gevolgen hebben bij de definitieve EPB-aangifte.

Contacteer Ons